Educatie

Het onderwijs is dé kernpartner binnen de brede school. Scholen richten zich in eerste instantie op hun kerntaak: goed onderwijs geven. Maar daarnaast richten scholen zich ook steeds meer op hun maatschappelijke functie. Zoals het bevorderen van burgerschapscompetenties bij kinderen, het ondersteunen van ouders of het bevorderen van de sociale cohesie in de wijk. Scholen kunnen dit niet alleen en werken daarom samen met andere partijen. Samengevat zeggen wij dat de brede school werkt aan een brede ontwikkeling, en aan verrijking van het aanbod, om daarmee de kwaliteit van het onderwijs te versterken.

De partijen in deze sector

  • Basisonderwijs: basisscholen zijn de centrale partners in de brede school. Bij elke brede school voor het primair onderwijs is minstens één basisschool betrokken. Soms werken meerdere basisscholen van verschillende denominaties samen.
  • Scholen voor voortgezet onderwijs: zij kunnen zelf een brede school vormen (brede school in het vo) of spelen een rol in brede scholen in het primair onderwijs. Bijvoorbeeld in het kader van de overgang van het basis- naar het voortgezet onderwijs.
  • Beroepsonderwijs/volwasseneneducatie: ook ROC’s kunnen bij een brede school betrokken worden. Zij bieden soms ICT- of taalcursussen voor ouders of buurtbewoners aan, werken samen het bedrijfsleven in het realiseren van stageplaatsen of bieden bijvoorbeeld met leerlingen/stages ondersteuning bij sportactiviteiten of ICT.

Speciaal onderwijs: deze scholen zijn minder vaak rechtstreeks betrokken bij de brede school. Dit komt doordat het speciaal onderwijs vaak een regionale functie heeft. Er zijn echter ook voorbeelden waar SBAO, kinderopvang en expertisecentra samenwerken in een eigen brede school. ( Voorbeeld Tiel.)

De meerwaarde van het onderwijs voor de brede school

Het is ondenkbaar dat een brede school wordt ontwikkeld zonder de onderwijssector. De school heeft een centrale rol in de brede school. De school vervult ook organisatorisch vaak een spilfunctie. Bestaande basisscholen fungeren dikwijls als startpunt van een brede school. Bijvoorbeeld omdat er nieuwbouw nodig is en men kiest voor een brede school. Of omdat men bestaande contacten tussen het onderwijs en andere instellingen wil uitbouwen tot een brede school. Voor wijk-, zorg- en welzijnsorganisaties is het onderwijs belangrijk als ‘vindplaats’ voor kinderen. Het is de fysieke plek in de wijk waar kinderen en ouders dagelijks samenkomen en waar men doelgroepen voor activiteiten kan bereiken.

Het belang van de brede school voor de onderwijssector

De brede school heeft een duidelijke meerwaarde voor de onderwijssector. Belangrijke winstpunten voor een school kunnen zijn:

  • Multidisciplinaire samenwerking

Door samenwerking met andere professionals ontstaat een completer beeld en een betere afstemming van de ontwikkeling van kinderen en hun gezinssituatie.

  • Effectiever werken aan educatieve doelstellingen

Brede scholen bieden mogelijkheden voor verlenging van de leertijd en doorgaande leerlijnen. Door bijvoorbeeld in peuterspeelzalen en kinderopvang in samenwerking met de basisschool aandacht te besteden aan (taal)ontwikkeling kunnen (taal)achterstanden effectiever worden bestreden.

  • Versterking van de leerlingenzorg

Door afstemming met peuterspeelzaal en kinderopvang ontstaat een breder beeld van de ontwikkeling van de kinderen en de gezinnen waarin zij opgroeien. Dit maakt vroegsignalering mogelijk.  En door een intensievere samenwerking met de zorgsector worden de lijnen met bijvoorbeeld het maatschappelijk werk korter en kan men sneller doorverwijzen. Daarmee wordt de interne leerlingenzorg van de school versterkt.

  • Efficiënter ruimtegebruik

De brede school kan meer gebruiks-(buiten)ruimte opleveren. Door ruimten met andere instellingen te delen en gebruik te maken van multifunctionele ruimten kunnen scholen meer ruimtelijke mogelijkheden creëren. Vooral in nieuwbouwsituaties kan die mogelijkheid maximaal worden uitgebuit.

  • Imagoverbetering

De brede school kan een positief effect hebben op de aantrekkingskracht en het imago van een school. Voor ‘zwarte’ scholen die geen afspiegeling zijn van de wijk, kan dit bijdragen aan de werving onder ouders die de school anders links zouden laten liggen. De brede school moet dan wel een aantrekkelijk aanbod voor deze groep ouders en hun kinderen hebben, bijvoorbeeld op het gebied van cultuur of sport, of buitenschoolse opvang.

  • Inspelen op krimp

De brede school is feitelijk geen oplossing voor krimp. Maar door functies samen te voegen kan het totale aanbod van educatie en opvang en activiteiten en zorg waarschijnlijk langer in exploitatie blijven dan als stand alone voorzieningen.

Meer lezen?

  • Broekhof, K. (2003). Alles uit de kast: taalstimulering in de brede school. Didaktief & School, nr. 1-2 (januari-februari), pag. 22-34.
  • Grinten, M. van der & Hoogeveen, C. (2005). Brede scholen in Nederland. De stand van zaken in het voortgezet onderwijs. Schooljaar 2004/2005. Utrecht: Oberon.
  • Oberon (2006). VVE op de agenda. Handreiking Voor- en vroegschoolse educatie in het OAB. Utrecht: Oberon en VNG.
  • Oenen, S. & Hajer, F. (red.), (2001). De school en het echte leven. Leren binnen en buiten school. Utrecht: NIZW.
  • Oenen, S. van (2001). Sociale competentie en de brede school. Utrecht: NIZW.
  • Ooyen, L. van & Krikke, A.J. (2002). Het kind centraal. Professionele overdracht in het kader van de voor- en vroegschoolse educatie. Utrecht: APS.
  • Roede, E., Van Voorst van Beest, K. & Joosten, F. (2005). Kiezen voor sociale competentie. Een keuzegids. Amsterdam: SCO-Kohnstamm.
  • Walraven, M., Oomen, C., Klein, T. & Appelhof, P. (2006). Sociale competentie en participatie in beeld. Een beleidsevaluatie instrument. Utrecht: Oberon.

www.ontwikkelingsstimulering.nl
www.vversterk.nl
www.dagarrangementenencombinatiefuncties.nl
www.delokaleeducatieveaganda.nl
www.socialecompetenties.nl
www.schakel-klassen.nl
www.passendonderwijs.nl