Doorgaande lijnen

Wat verstaan we onder doorgaande lijnen?

Uitgangspunt bij doorgaande lijnen is de ontwikkeling van het kind. Wat heeft een kind nodig om zich goed te ontwikkelen? Hoe zorgen we voor verbindingen tussen de verschillende leefwerelden waarin kinderen opgroeien?

We onderscheiden twee verschillende doorgaande lijnen:

1. Pedagogische/educatieve doorgaande lijn

In een pedagogische/educatieve doorgaande lijn gaat het om de doorgaande ontwikkeling van kinderen. Hier ligt een gezamenlijke pedagogische en educatieve visie aan ten grondslag: hoe willen de partners in een brede school of IKC met kinderen omgaan, wat willen ze bereiken met kinderen en hoe gaan ze daar aan werken? Vanuit die visie worden programma’s, aanbod, werkwijzen, kindvolgsystemen en overdracht op elkaar afgestemd.

2. Organisatorische doorgaande lijn

In een organisatorische doorgaande lijn gaat het om de manier waarop de organisaties en medewerkers in een brede school of IKC met elkaar samenwerken. Er worden afspraken over samenwerking en praktische afstemming gemaakt tussen kinderopvang, peuterspeelzaal, onderwijs, welzijn, sportverenigingen, culturele instellingen en/of zorginstellingen. Bijvoorbeeld:

  • wie doet wat op welk moment;
  • op welke tijden beginnen en eindigen activiteiten;
  • hoe sluiten ze op elkaar aan;
  • wie zorgt er voor dat kinderen op het juiste moment op de juiste plek zijn.

In de praktijk worden beide vormen aangeduid met de term ‘doorgaande lijn’. Let er op dat het voor iedereen duidelijk is over welke vorm het gaat als er gepraat wordt over doorgaande lijnen.

Waarom een doorgaande lijn?

  • De doorgaande lijn zorgt ervoor dat er weinig/geen energie verloren (voor kind en medewerker) gaat met het schakelen tussen de verschillende leefwerelden. Het gaat om één kind in verschillende leefwerelden. Het kind is ‘ondeelbaar’ en heeft baat bij eenzelfde klimaat en eenzelfde aanpak in deze verschillende werelden. Dit zorgt voor veiligheid, een kind ‘weet waar hij aan toe is’, waardoor de basis in orde is en het kind kan exploreren en ontwikkelen.
  • De doorgaande lijn moet uitval voorkomen. Vooral voor kwetsbare kinderen, want zij vallen vaak tussen wal en schip. Het vraagt namelijk veel zelfredzaamheid om met verschillen in klimaat en aanpak om te kunnen gaan.
  • De doorgaande lijn verstevigt de pedagogische en educatieve omgeving van kinderen. Als alle organisaties en medewerkers de omgeving van kinderen op dezelfde wijze inrichten, kunnen ze elkaar versterken. Het verhoogt de professionaliteit van organisaties door samenwerking.
  • De doorgaande lijn zorgt voor winst in efficiëntie: wat de een doet hoeft de ander niet nog een keer te doen.

Een doorgaande lijn opstellen

De volgende thema’s bieden houvast bij het opstellen van doorgaande lijnen. De partners in een brede school/IKC kunnen deze thema’s gezamenlijk bespreken: hoe kijken we hier tegen aan? De uitkomst van die gesprekken geeft input voor het opstellen van doorgaande lijnen.

Pedagogisch/educatief:
  • Het pedagogisch fundament en de visie op ‘ontwikkelen en leren’
  • Pedagogisch klimaat: omgang met kinderen, regels en routines
  • Een breed (beredeneerd) totaalaanbod. Er is nagedacht over de samenhang in het aanbod en over de onderwerpen waar het aanbod op in gaat.
  • Ondersteuningsbehoeften van kinderen (passend onderwijs, taalondersteuning)
  • De ontwikkeling van kinderen volgen en overdragen
  • Samenwerking met ouders
Organisatorisch:
  • Welke organisaties zijn partners en hoe verhouden die zich tot elkaar?
  • Zijn de verschillende beleidsterreinen vertegenwoordigd? Denk aan: Passend Onderwijs, VVE, Schakelklassen, Opvang, etc.
  • Personeel, de medewerker heeft een ‘T-shaped profiel’, professionalisering vindt gezamenlijk plaats.
  • Samenwerken (in multidisciplinaire teams)
  • Omgaan met tijden en de overgangen
  • De ruimte, gebruik en inrichting
  • Communicatie tussen de organisaties en met de medewerkers

De aanzet voor de doorgaande lijn ontstaat door deze onderwerpen met de samenwerkingspartners te bespreken en vast te leggen. In de dagelijkse praktijk blijkt in hoeverre de gemaakte afspraken ook echt werken en waar er zaken moeten worden bijgesteld.

Het Landelijk Steunpunt heeft samen met EtuConsult een format ontwikkeld waarmee de doorgaande lijn concreet gemaakt kan worden, en waarmee direct in de praktijk zichtbaar wordt aan welke voorwaarden de doorgaande lijn zou kunnen bestaan.

De T-shaped professional

Je kunt de competenties van een professional in de brede school weergeven als een T. De verticale poot bestaat uit specialistische kwaliteiten die horen bij de eigen werksoort (pedagogisch, educatief, vakinhoudelijk). De horizontale poot staat voor algemene pedagogische en samenwerkingskwaliteiten. De T-shaped professional verbindt deze specifieke en algemene kwaliteiten op het snijvlak van de T (Matthieu Weggemans).

De aanzet voor de doorgaande lijn ontstaat door deze onderwerpen met de samenwerkingspartners te bespreken en vast te leggen. In de dagelijkse praktijk blijkt in hoeverre de gemaakte afspraken ook echt werken en waar er zaken moeten worden bijgesteld.

Het Landelijk Steunpunt heeft samen met EtuConsult een format ontwikkeld waarmee de doorgaande lijn concreet gemaakt kan worden, en waarmee direct in de praktijk zichtbaar wordt aan welke voorwaarden de doorgaande