Kunst en cultuur

Cultuuruitingen spelen een belangrijke rol in de samenleving en in het leven van mensen. Cultuur vertegenwoordigt zowel een maatschappelijke, een artistieke als een economische waarde. Uit onderstaande informatie kunt u opmaken dat cultuuronderwijs vooral een zaak van de school is. Maar juist in de binnen- en buitenschoolse verbinding op dit gebied worden binnen steeds meer brede scholen kansen benut, bijvoorbeeld in de vorm een naschools aanbod als verlengde van binnenschoolse cultuureducatie, trainingen voor leerkrachten en pedagogisch medewerkers, de inzet van interne cultuurcoördinatoren en/of combinatiefunctionarissen.

www.lkca.nl/cultuurcoordinator

www.lkca.nl/kennisdossiers/cultuurcoach

Het onderwijs heeft een brede vormende opdracht en drie belangrijke functies: het draagt bij aan de persoonlijke ontwikkeling van kinderen, het zorgt voor overdracht van maatschappelijke en culturele verworvenheden en het rust kinderen toe voor deelname aan de maatschappij. De ontwikkeling van creativiteit en van historisch besef een wezenlijk onderdeel van deze vormende opdracht. Dit vinden we terug in de kerndoelen Kunstzinnige oriëntatie Deze oriëntatie heeft betrekking op kunstzinnige en culturele aspecten van de leefwereld van kinderen. Er zijn veel verbindingen met andere leergebieden mogelijk. De invulling van het leergebied Kunstzinnige oriëntatie wordt ook wel cultuuronderwijs genoemd.

Cultuuronderwijs geeft leerlingen kennis mee over kunst en erfgoed en leert hen hun creatieve vaardigheden te ontwikkelen. Het stimuleert leerlingen om te reflecteren op hun omgeving en op hun eigen gedrag. Het cultuuronderwijs levert ook een bijdrage aan de ontwikkeling van communicatieve, cognitieve en sociale vaardigheden en aan de motorische ontwikkeling van leerlingen. Van deze brede vormingsaspecten profiteren ook het taal- en rekenonderwijs. Het cultuuronderwijs is daarmee niet alleen van betekenis voor de brede opdracht van het onderwijs, maar ook voor het goed leren lezen, schrijven en rekenen. Bovendien biedt cultuuronderwijs kansen voor innovatief onderwijs.

In het voortgezet onderwijs betreft cultuuronderwijs in ieder geval het leergebied Kunst en Cultuur in de onderbouw, het vak Culturele en Kunstzinnige Vorming en de kunstvakken in de bovenbouw van vmbo, havo en vwo.

Dit alles is goed voor de individuele ontplooiing van de leerling, maar ook voor de samenleving als geheel. De ontwikkeling van creatieve vaardigheden is van toenemend belang als aanjager van de kenniseconomie. De persoonlijke ontwikkeling en brede toerusting voor deelname aan de maatschappij zijn belangrijke bouwstenen voor een solide samenleving.

Om al die redenen willen we dat alle kinderen en jongeren, ongeacht hun achtergrond of beperking, goed cultuuronderwijs krijgen. Net als bij andere leergebieden is het van belang dat het cultuuronderwijs is ingebed in de onderwijsvisie van scholen. Dit vertaalt zich in de kwaliteit van het onderwijsaanbod, de deskundigheid van leraren en de samenwerking met de culturele omgeving. Uit evaluatie van het cultuuronderwijs blijkt welke bijdrage geleverd wordt aan de ontwikkeling van leerlingen.

Het cultuuronderwijs is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van schoolbesturen en hun scholen, culturele instellingen en overheden. Landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen hebben grote invloed op elkaar. Dat maakt het belangrijk om vanuit een gedeeld kader te werken. De brede school wordt ook op dit terrein gezien als een zeer kansrijke plaats om binnen en buitenschools met kunst en cultuuronderwijs aan de slag te gaan.

Rijk, provincies, gemeenten en schoolbesturen committeren zich officieel aan goed cultuuronderwijs voor alle kinderen. De minister en staatssecretaris van OCW, de PO-Raad, wethouders en gedeputeerden voor cultuur én onderwijs ondertekenden op 16 december 2014 het Bestuurlijk kader Cultuur en Onderwijs.

Concrete afspraken in het bestuurlijk kader

In het bestuurlijk kader maken de ondertekenaars concrete afspraken over cultuuronderwijs, voor de komende tien jaar. De afspraken zijn onder meer:

  • OCW, provincies, gemeenten en PO-Raad stimuleren lokale overeenkomsten Cultuur en Onderwijs;
  • de Onderwijsinspectie stelt in 2015 een rapportage op over cultuuronderwijs in het primair onderwijs;
  • de PO-Raad en OCW stimuleren de professionele ontwikkeling van leraren;
  • OCW monitort de ontwikkelingen van het cultuuronderwijs;
  • het Landelijk Kennisinstituut voor Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA) en het Fonds voor Cultuurparticipatie ondersteunen de uitvoering van het bestuurlijk kader.
  • Het bestuurlijk kader bouwt voort op het programma Cultuureducatie met kwaliteit.
  • tussentijdse evaluatie cultuureducatie met kwaliteit

regelingen en kansen

Meer muziek in de klas

Méér Muziek in de Klas is de beweging waarbinnen publieke en private partijen zich de komende vijf jaar gezamenlijk inzetten voor structureel muziekonderwijs op de basisschool. Minister Bussemaker (OCW), Carolien Gehrels en Joop van den Ende zetten zich in voor dit doel. Zij presenteerden juni 2015 in de Jaarbeurs in Utrecht welke partijen er meedoen. En hoe deze beweging ervoor gaat zorgen dat er meer muziek in de klas komt.

Ambassadeurs uit heel Nederland

In het Platform Ambassadeurs Muziekonderwijs zijn alle partijen vertegenwoordigd die een belangrijke rol spelen bij muziekonderwijs op de basisschool; muzikanten, gemeenten, provincies, de onderwijspartijen, centra voor de kunsten, de publieke omroep en opleidingsinstituten als de pabo’s en de conservatoria. Het platform draagt de komende vijf jaar uit hoe belangrijk muziekonderwijs op de basisschool is en hun kennis en netwerk inzetten om dit te realiseren. Hare Majesteit Koningin Máxima is erevoorzitter van het Platform Ambassadeurs Muziekonderwijs

Actie voor en achter de schermen

Er gaat de komende jaren veel gebeuren om meer muziek in de klas te krijgen. Zo zet Van den Ende zich in voor media-aandacht voor muziek in de klas. Vanaf 2016 krijgen schoolklassen de kans om hun regio te vertegenwoordigen in een tv-programma dat om muziek in de klas draait. Dit programma zal vanaf het najaar van 2016 te zien zijn op NPO 3. De strijd tussen de scholen start in het voorjaar van 2016 en zal te volgen zijn via internet. Om muziek structureel een plek te geven in het onderwijs is het belangrijk dat scholen samenwerken met partners uit de regio: fanfares, muziekscholen en conservatoria. Daarnaast vakdocenten en groepsleerkrachten opgeleid en leerlijnen en lesprogramma’s ontwikkeld.

Publiek-privaat geld

Minister Bussemaker maakte eerder bekend dat zij tot 2020 25 miljoen euro beschikbaar stelt aan scholen om de deskundigheid van leerkrachten te vergroten. Dat doet zij via de subsidieregeling Impuls Muziekonderwijs bij het Fonds voor Cultuurparticipatie. Joop van den Ende ondersteunt dit doel en heeft toegezegd private gelden te werven om het effect van deze subsidieregeling te vergroten.

Belang van muziekonderwijs

Muziek maken is leuk, maar gaat verder dan plezier maken alleen. Het bespelen van een instrument draagt bij aan de motorische ontwikkeling en de ontwikkeling van het kinderbrein. Het samenspelen verbindt, versterkt sociale vaardigheden en, niet onbelangrijk, muziek draagt bij aan betere schoolprestaties. Dit besef wordt gevoeld door veel partijen; ouders en grootouders, vakleerkrachten en groepsleerkrachten, school- en stadsbestuurders, politici, musici en mediaprofessionals.

Achtergrond

In opdracht van minister Bussemaker heeft de Commissie Verkenning Muziekonderwijs in het Primair Onderwijs de Handreiking ‘Muziekonderwijs 2020’ opgesteld. Deze handreiking beschrijft het belang van muziekonderwijs onder schooltijd en in de vrije tijd en geeft handvatten om dit muziekonderwijs in een publiek-private samenwerking vorm te geven, hetgeen nu gebeurt onder de noemer ‘Méér Muziek in de Klas’.

Subsidieregelingen

Cultuureductatie met kwaliteit: Over deze subsidie

Met je klas een bezoekje aan het theater of museum brengen en dan weer over tot de orde van de dag. Niks mis mee, maar uit cultuureducatie valt zoveel meer te behalen. Cultuureducatie is dan ook een van de speerpunten in het beleid van het ministerie van OCW. Goed cultuuronderwijs is belangrijk voor de persoonlijke ontwikkeling van kinderen en moet een structurele plaats krijgen in het onderwijscurriculum. Dat lukt alleen met een langdurige aanpak en met commitment van alle partijen die hierbij betrokken zijn. Om die reden loopt sinds 2013 het landelijke programma Cultuuureducatie met kwaliteit.
Het landelijke programma Cultuureducatie met Kwaliteit heeft vier speerpunten:

  • De ontwikkeling van doorgaande leerlijnen
  • Groepsleerkrachten en medewerkers van culturele instellingen worden vakbekwamer
  • Culturele instellingen ontwikkelen gericht aanbod op de vraag van de school
  • De ontwikkeling van beoordelingsinstrumenten

Meer informatie

Als onderdeel van het landelijke programma Cultuureducatie met Kwaliteit voert het Fonds twee subsidieregelingen uit.

1.   matchingsregeling Cultuureducatie met Kwaliteit

In 2013 zijn 54 culturele instellingen gestart om samen met basisscholen te werken aan goed cultuuronderwijs. Voor de matchingsregeling is een budget beschikbaar van 20 miljoen euro per jaar (10 miljoen euro via het rijk (via het Fonds voor Cultuurparticipatie) en 10 miljoen euro via gemeenten en provincies).

Het is niet meer mogelijk om voor deze regeling aan te vragen.

2.   Tijdelijke regeling Flankerende projecten

Een jaarlijks terugkerende subsidieregeling voor cultuureducatieve projecten die ondersteunend of aanvullend op de activiteiten in het landelijke programma Cultuureducatie met Kwaliteit. Er is jaarlijks een budget van 3,1 miljoen euro beschikbaar.

De nieuwe aanvraagronde start in het najaar van 2015

Belangrijk om te weten.

Ben je als (brede) school geïnteresseerd in kunst en cultuureducatie, wil je meer met de kerndoelen, heb je vragen op dit gebied? Dan zijn er twee grote organisaties die je absoluut verder kunnen helpen, het Fonds voor Cultuurparticipatie  (FCP), en het Landelijk Kennisinstituut voor Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA).

Het LKCA is het landelijk kennisplatform voor professionals, bestuurders en beleidsmakers in cultuureducatie en cultuurparticipatie. Via kennisdeling en onderzoek draagt het instituut bij aan de kwaliteit van praktijk en beleid.

Het LKCA stimuleert de professionele ontwikkeling van het veld door ontmoeting en debat en biedt advies bij vraagstukken op het gebied van cultuureducatie en cultuurparticipatie in brede zin. Via informatienetwerken, conferenties en met digitale middelen verschaft het kennisinstituut inzicht in relevante ontwikkelingen op nationaal én internationaal gebied.

Het LKCA draagt bij aan de ontwikkeling van beleidsprogramma’s van de rijksoverheid voor cultuureducatie en actieve cultuurparticipatie en ondersteunt de uitvoering daarvan.

Het LKCA is er voor iedereen die zich inzet voor cultuureducatie en cultuurparticipatie, zowel in het onderwijs als daarbuiten. Iedereen die binnen deze sectoren werkt, of met deze sectoren te maken heeft, kan profiteren van de kennis en de mogelijkheden tot live kennisuitwisseling die het LKCA biedt.

We zijn er onder meer voor kunstdocenten, icc’ers en cultuurcoaches, educatief medewerkers van culturele instellingen, beleidsambtenaren, politici, onderzoekers, schoolleiders, bestuurders van amateurkunstkoepels en het onderwijs. Ook vrijwilligers die actief zijn binnen bijvoorbeeld de amateurkunst kunnen bij het LKCA terecht voor informatie.

Het LKCA zet zich in voor:

  • de verbetering van de kwaliteit van cultuureducatie, zowel binnen- als buitenschools
  • de vernieuwing van de infrastructuur voor cultuureducatie en actieve cultuurparticipatie
  • de versterking van de verbinding tussen actieve cultuurparticipatie en andere sectoren
  • de bevordering van waardering voor cultuureducatie en actieve cultuurparticipatie in de samenleving

Het Fonds voor Cultuurparticipatie.

Een theaterfestival in de wijk organiseren, leren tapdansen op je 70ste, zingen in een koor, aan de slag met de mogelijkheden van nieuwe media of leren hoe je papier maakt van wat de natuur te bieden heeft; niets is zo inspirerend als actief bezig zijn met kunst en cultuur. Het Fonds voor Cultuurparticipatie ondersteunt met subsidies tal van initiatieven in heel Nederland om dit voor iedereen mogelijk te maken.

Maar het Fonds doet meer. Zo organiseren ze bijeenkomsten, doen onderzoek en zorgen voor kennisuitwisseling. Dat doen we uiteraard niet alleen, maar met tal van partners zoals andere fondsen, overheden, culturele instellingen, amateurkunstverenigingen, erfgoedinstellingen, scholen en verschillende maatschappelijke instellingen.

Met maar liefst 7,3 miljoen mensen van 6 jaar en ouder die actief bezig zijn met cultuur in Nederland, is cultuurparticipatie een belangrijke sector. Eén miljoen Nederlanders doet vrijwilligerswerk in de amateurkunst. Maar de amateurkunstsector verschaft ook werkgelegenheid aan zo’n 50.000 professionals. Nederland telt 93 koepelorganisaties die zo’n 35.000 verenigingen vertegenwoordigen.

Missie

Het Fonds voor Cultuurparticipatie ondersteunt vernieuwende initiatieven die

actieve deelname aan cultuur teweegbrengen en richt zich daarbij op alle inwoners van Nederland. Wij willen een brug vormen tussen cultuur en de samenleving.

Om dit te realiseren hebben wij drie programma’s gericht op cultuureducatie,amateurkunst en talentontwikkeling. Om onze slagkracht te vergroten werken we samen met overheden, (particuliere) fondsen, private partners en kennisinstellingen.

Doelstellingen

Om de missie van het Fonds zo goed mogelijk te volbrengen, zijn de volgende doelstellingen geformuleerd:

  • bijdragen aan kwalitatief hoogwaardig cultuuronderwijs, met name voor kinderen;
  • bijdragen aan een innovatief, aantrekkelijk en duurzaam aanbod voor actieve cultuurparticipatie in Nederland;
  • bijdragen aan het vinden en begeleiden van toekomstig toptalent in Nederland.

cultuur 2